Hendrik Gerhard (Henri) BLOM, Kruidenier in koloniale waren, geboren op 19 10 1875 te Arnhem. Overleden op 10 04 1904 te Varsseveld op 28 jarige leeftijd, zoon van Johan BLOM en Johanna Hendrika ten CATE.
Gehuwd op 23 jarige leeftijd op 27 07 1899 te Amersfoort met Francina (Sien) RUITENBERG, 21 jaar oud, geboren op 09 10 1877 te Amersfoort, overleden op
23 12 1967 op 90 jarige leeftijd.
Uit dit huwelijk:
1. Johannes Hendrikus (Joop), Architect, geboren op 13 11 1899 te Varsseveld, overleden op 08 06 1989 te Abbotsford (Canada) op 89 jarige leeftijd.
2. Hendrika Lambertina Hermina (Mientje), geboren op 28 10 1900 te Varsseveld, overleden op 27 07 1981 te Amersfoort op 80 jarige leeftijd. Gehuwd met Dirk Boode.
3. Hendrik Gerhard Elias (Eli), Assurantie bemiddelaar, geboren op 04 08 1902 te Varsseveld, overleden op 10 01 1979 te Amersfoort op 76 jarige leeftijd.

            

Als Henri geboren wordt, als eerste zoon uit het eerste huwelijk van Johan Blom zit de familie er "warmpjes" bij. Johan is getrouwd met Johanna Hendrika ten Cate, een dame uit een welgestelde familie. Zo werd hij dagelijks met een koetsje naar school gebracht en na afloop weer netjes opgehaald. Henri was geen uitmuntende leerling. Op zijn rapport van de Hoogere Burgerschool uit Arnhem prijkt slechts een vijf (een "goed") voor het onderdeel gymnastiek, maar wat wil je ook als zoon van een sportleraar. Ook het zwemmen ging hem goed af, op 27 juni 1891 behaalde Henri zijn A diploma. Een aardigheid is om te weten wat de benodigde vaardigheden hiervoor waren: Veertig meter stroomopwaarts buikzwemmen in de Rijn en veertig meter stroomafwaarts rugzwemmen.

Het leren ging blijkbaar wat minder goed, maar in tweede instantie is dan toch het diploma gehaald. De krant maakt er op 31 12 1893 melding van:

Op jonge leeftijd werd een handel in koloniale waren gestart aan de Spoorstraat 2 te Varsseveld, vermoedelijk zat daar ook wel wat geld van de ten Cate familie in, van zijn moeders kant. Henri had een dochter uit de Ruitenberg familie uit Amersfoort gehuwd. De familie Ruitenberg waren in Amersfoort bekende aannemers en o.a. betrokken bij het (her)vinden van de welbekende Amersfoortse kei. Het huwelijk vond overigens net op tijd plaats, Sien moest met het bruidsboeket voor haar buik verhullen dat ze toch al 5 maanden zwanger was.

Er zijn veel brieven bewaard van Henri, die zijn eigen fraaie briefpapier had. Post terug naar de Spoorstraat werd geadresseerd met: de heer Henri Blom, handelaar in koloniale waren te Varsseveld. Het is nu niet voor te stellen dat dergelijke post ook nog op de bestemming aankwam. Naast de handel in koloniale waren, eieren en boter, werden er ook prentbriefkaarten uitgegeven. Er zijn minimaal 15 verschillende kaarten van Varsseveld uitgegeven, waarvan uiteraard ook een van zijn eigen winkel. Hieronder is deze kaart te zien, vermoedelijk staat moeders de vrouw in de deuropening. In 2006 heeft deze woning overigens nog nauwelijks veranderingen ondergaan. Het pand had destijds voldoende ruimte, naast de winkel en het gezin met drie kinderen was er schijnbaar ook nog ruimte voor een inwonende dienstbode en een winkeldochter (bediende).

.      

Henri is pas 27 jaar als hij ziek wordt en wordt opgenomen met TBC in het Diaconesse huis in Arnhem. Vanuit het zieknhuis worden regelmatig brieven en ansichtkaarten verzonden. Henri blijft optimistich over zijn herstel. Van de dokteren heeft hij echter geen hoge pet op. Vooral dokter Julius moet het in zijn brieven ontgelden. In juni 1903 schrijft hij: Dokter Julius is een moekerd een een smerige moekerd ook, een fiese moekerd dat zeg ik. Ondanks het optimisme van Henri zit hij begin 1904 nog steeds in het Diaconessehuis in Arnhem. Op een kaartje aan zijn vrouw wijst hij de waranda aan waar hij wandelt. De brieven volgen elkaar nu snel op.

27 02 1904 (6 weken voor zijn overlijden): Henri schrijft een brief aan zijn zwager en maakt zich zorgen over het voortbestaan van zijn zaak.
08 03 1904: Henri schrijft een vertederende brief aan zijn vrouw: Lieve Moes, gisteren kwam de dokter bij mij langs. Hij verbond me als gewoon en zeide de wond geneest prachtig als ge zoo nu doorgaat mag u in het laatst der week naar huis. De dokter geeft aan dat er geen gevaar is voor complicaties, dus dat is geruststellend. Heus anders hielden we u hier zeide hij. Als Mientje nu heel graag mede gaat paatje halen neem haar dan maar mede Moes, Mientje reist ook al graag hé kleine dot. Aan het eind van de brief is er nog voor iedereen een hartelijke groet, zelfs voor de winkelbediende; Nu allemaal het beste toegewenscht en een lekkere zoen voor Moes en de kindertjes en Dina houdt je maar goed. Vrijdag zie je misschien je baas weer maar je zult hem wel niet meer kennen met zijn mooie hoofdje. Je Henri
maart 1904: Een brief van Henri aan zwager Cornelis (kees): Henri verzoekt hem dringend een goed woordje te doen bij zijn ouders. Wat is het geval? Henri wil zijn winkel verkopen en in Hoogland (Gem. Amersfoort) een agentuur starten in eierhandel. Hij heeft daarbij gerekend op een financiele bijdrage van zijn schoonouders, maar die hebben andere plannen. De ouders van Sien willen namelijk dat Henri met zijn gezin bij hun intrekken. Henri en Sien dat niet zitten; dat is uit filantropisch oogpunt heel mooi maar Kees, we wisten toch niet wat we hoorden en Sien is de gehele dag van streek geweest. Als je dat eens even indenkt hoe vreselijk dat voor ons geval moet wezen en Sien wil dan ook niet op die voorwaarden dan zegt ze liever in een huisje van een daalder in de week bij wijze van spreken en vrij. Kees je begrijpt me altijd nogal goed hé, we hebben al veel samen gepraat ik hoop je dat ook begrijpen zult het is heel niet dat we niet zo veel van Vader en Moeder houden we niet samen in een huis willen wonen, maar niet bij elkaar over de vloer gescheiden en ieder eigen baas en wij zijn daar toch nog te jong voor om het juiste woord te gebruiken genadebrood te eten. Praat er maar stil met Moeder over Kees. Maar zoal Vader het in het hoofd heeft doen wij beslist niet, dan liever droog brood. En Vader houdt er zoveel eigenaardigheden op na die waar we ons zo niet mede verenigen kunnen. Wij zijn daar ook nog zo jong voor. Enfin nu genoeg ge moet het je alles maar eens indenken en praat er met Moeder eens over en je Jo mag je ook wel in de zaak inleiden want die meent het ook goed. Jij hebt de beste Kees de hartelijkste dat heb ik altijd gezegden Vader zegt het nu ook. Vervolgens wordt er nog even over zijn ziekte gesproken: Zo juist
ben ik bij de dokter geweest en heeft me voor het eerst weer verbonden het had zich heel mooi
gehouden. Joop (zijn oudste zoon) kon paatje haast niet mijn hele kop zit in verband. Daar kwam me vanochtend een rommeltje uit hoor ik geloof een heel gat in de kop heb. Maar alle gaatjes vullen zich wel weer. Nu gegroet
31 03 1904: Een telegram aan de familie in Amersfoort: Henri heeft heeft Bloedspuwing en maakt het redelijk wel.
06 04 1904 (4 dagen voor zijn overlijden): De moeder van Sien is in huis en schrijft een brief aan haar man in Amersfoort: Als er bij Henri niet meer gewaakt hoeft te worden en het beter met hem gaat komt ze volgende week terug naar Amersfoort. De dominee is op 5 april bij Henri geweest en heeft heel waardig met hem gesproken. Henri heeft een goede nacht gehad en mag al weer havermoet en 3 eieren daags eten met een kannetje melk. Tevens schrijft ze haar man dat er gesproken moet worden over de verkoop van de zaak met familie ten Cate.

Hij is pas 28 jaar als hij overlijdt op10 april 1904. Vijf maanden later verhuist Sien met de kinderen toch naar Hoogland, naast Amersfoort, waar ze bij haar ouders intrekt. Enkele jaren later betrekt ze haar eigen woning in de Fr. v. Blankenheimstraat 17 in Amersfoort, tegenover de lagere school. De kinderen komen op de Heerenschool te zitten, die boven de "Klompenschool" was gevestigd. Waarmee direkt een stuk klasse onderscheid van toepassing was. De familie betrok regelmatig binnen Amersfoort een andere woning, waarbij deze stevast in eigendom van de familie Ruitenberg was.

  

De kinderen van Henry en Sien, op de eerste foto is zoon Eli in een jurkje gehesen, op de tweede foto is de kleding goed op elkaar afgestemd.

Na verloop van tijd zwermen de kinderen uit, Joop trouwt in 1924 en Eli emigreert tijdelijk naar Canada.

      

Mientje was een verdienstelijk zwemster, in de Amersfoortse Courant wordt gemeld dat zij tweede is geworden in een wedstrijd gekleed zwemmen, start vanaf een brug, 25 meter stroom afwaards en 25 meter terug in een tijd van 1 minuut 7 seconden. Langere afstanden zoals 8 kilometer (!) leverde schijnbaar ook geen probleem op. Een hoogte punt was de jaarlijkse 2 km zwemtocht door de grachten van Amesfoort.Mien is tot halverweg de zeventiger jaren blijven zwemmen. Zelf was ze erg trots op het feit dat ze de oudste deelneemster van de zwemvierdaagse in Amersfoort was.

In 1952 verlaat ook dochter Mientje de woning als zij huwt met Dirk Boode een bekende pen- en houtskool tekenaar. Daarnaast maakte hij ook etsen en gravures. Enkele van zijn werken zijn in het bezit van het Rijksmuseum te Amsterdam. Met het vertrek van Mientje kwam Sien alleen te zitten. Sien bereikte een hoge leeftijd en is alles bij elkaar 63 jaar weduwe geweest. In de loop der jaren zag ze zelfs haar achterkleinkinderen opgroeien en maakte ze kennis met de voortgang der techniek. Met name de televisie bleek een onbegrijpelijk stuk vernuft voor haar. Op koninginnedag werd dan ook haar mooiste jurk aangetrokken en statig terug gezwaaid als koningin Juliana op tv was. Als Sien de koningin kon zien, dan moest dat immers andersom ook het geval zijn. Op 90 jarige leeftijd overleed Sien na tijdelijke verzorging in huis bij haar zoon Eli.

         

In 1954 maakt de bekende kunstenaar Dirk Boode (een schoonzoon van Sien) een prachtige portret tekening van Sien. Sien had een tamme kraai die regelmatig op haar schouder zat, hier staat ze op de foto met haar zoon Eli en een kleinkind Marjo Smit.

   

Tot slot een foto van Sien op latere leeftijd en een van haar dochter Mientje.

terug naar de genealogie